Categorie: Nieuws (pagina 1 van 3)

Reuk- en smaakverlies bij COVID-19 – nieuws

Het is bekend dat COVID-19 bij veel patiënten een (al dan niet tijdelijk) verlies van reuk en/of smaakzin veroorzaakt. Het RIVM heeft dit symptoom inmiddels ook op het lijstje met hoofdsymptomen geplaatst. Op dit moment wordt door het GCCR, met meer dan 500 wetenschappers en artsen van over de hele wereld, onderzoek gedaan om meer duidelijkheid te krijgen over de relatie tussen COVID-19 en reukverlies. Onze vereniging staat in nauw contact met wetenschappers van de Universiteit van Wageningen en het reuk- en smaakcentrum in Ede. Beide instituten zijn de expertisecentra in Nederland op het gebied van reuk en smaak en nemen deel aan het wereldwijde onderzoek. We volgen alle onderzoeken uiteraard op de voet.

Heeft u, of iemand in uw omgeving, recent verkoudheidsklachten gehad of het vermoeden dat u corona heeft (gehad)? Vul dan onderstaande vragenlijst van het GCCR in en draag bij aan wereldwijd onderzoek.

https://gcchemosensr.org/surveys/nl/

We interviewden Sanne Boesveldt, onderzoeker bij Wageningen University en GCCR-vertegenwoordiger voor Nederland, over dit onderwerp. Lees het artikel hier.

Lees verder:

Filmpje van het GCCR: https://www.youtube.com/watch?v=53GEN4bHmm4&feature=youtu.be&fbclid=IwAR3fJPnwiq-RLR5S06Z5p8oM0-1IyrVOQViDjq5tohQFJQsbZeYNlJMo5l4

Artikel in het NRC: https://www.nrc.nl/…/05/28/help-ik-proef-niets-meer-a4000986

Informatie over het onderzoek van het GCCR: https://www.wur.nl/nl/nieuws-wur/Show-corona/Onderzoek-naar-verlies-van-reuk-en-smaak-bij-corona.htm

Wetenschap: https://theconversation.com/coronavirus-scientists-uncover-why-some-people-lose-their-sense-of-smell-138898 

Interview met Sanne Boesveldt

Reuk- en smaakverlies door COVID-19 – interview met Sanne Boesveldt

Gezondheidsorganisaties van over de hele wereld hebben het verlies van reuk en smaak aangemerkt als een (mogelijk) symptoom voor COVID-19, het coronavirus dat de wereld sinds januari dit jaar bezighoudt. Meer dan 500 wetenschappers, artsen en patiëntenverenigingen uit 50 verschillende landen hebben nu de handen ineen geslagen om dit symptoom verder te onderzoeken. Ze vormen samen the Global Consortium of Chemosensory Researchers (GCCR). 

Sanne Boesveldt is het aanspreekpunt voor deze organisatie vanuit Nederland. Ze is werkzaam bij het reuk- en smaakcentrum in Ede en bij de universiteit van Wageningen waar ze dagelijks bezig is met het onderzoeken van reuk. Wij vroegen haar om meer informatie over het GCCR.

Hoe is het GCCR ontstaan en hoe ben jij hierbij betrokken geraakt?

‘’GCCR is een wereldwijd netwerk dat zo ongeveer half maart is opgezet, toen de eerste patiënten en KNO-artsen in de media verschenen met het verhaal dat reukverlies wellicht een vaker voorkomend symptoom zou kunnen zijn bij COVID-19, het coronavirus. Toen is het eigenlijk een beetje begonnen met een aantal reuk- en smaakwetenschappers die elkaar onderling gingen mailen. Binnen een weekend waren er honderden mails wereldwijd heen en weer aan het gaan. Toen is er besloten om een heel netwerk op te zetten. Het GCCR bestaat ondertussen uit meer dan 500 artsen, wetenschappers en patiëntenorganisaties uit meer dan 50 landen, dus echt wereldwijd. Het doel is vooral om reuk- en smaakverlies in relatie tot corona beter in kaart te brengen, beter te begrijpen. Komt dit vaak voor? Is dit ernstiger of komt het vaker voor dan bij andere luchtweginfecties of dan bij een gewone griep of verkoudheid? We willen gewoon weten: wat is er aan de hand?

Juist omdat dit virus zich wereldwijd verspreidt en zich niks aantrekt van landsgrenzen is het heel belangrijk om een wereldwijd onderzoek uit te zetten. Per land worden er ontzettend veel verschillende maatregelen genomen, bijvoorbeeld qua lockdown, social distancing en testbeleid. Daar trekt het virus en het symptoom reuk- en smaakverlies zich eigenlijk niks van aan. Dus het is heel goed om ook over de grens te kijken, en vooral een hele grote hoeveelheid data te verzamelen om op die manier betrouwbare uitspraken te kunnen doen.’’

Jullie roepen nu iedereen die (mogelijk) besmet is geweest met corona op om een vragenlijst in te vullen, kun je hier wat meer over vertellen?

‘’We roepen iedereen op die een luchtweginfectie heeft gehad, dus iedereen die wellicht denkt dat hij of zij corona heeft gehad. Het kan ook een verkoudheid of griepje zijn geweest. Daarmee willen we juist ook kijken naar hoe het coronavirus verschilt van een reguliere verkoudheid of griep. Op dit moment hebben al meer dan 30.000 mensen wereldwijd de vragenlijst ingevuld, waarvan meer dan 3000 uit Nederland. Dat is super fijn!

We zijn ook al begonnen met de eerste blokjes data analyseren. Daar zien we al wel hele leuke, interessante resultaten uit naar voren komen. Aan de ene kant zien we heel duidelijk dat je reukvermogen ontzettend afneemt bij corona, je smaakvermogen neemt ontzettend af en ook je ‘trigeminale perceptie’. Dat gaat meer over ‘gevoel’ in je neus en mond, zoals temperatuurgevoeligheid. Bijvoorbeeld de hitte van chilipepers, het verkoelende van menthol, maar ook de prikkelingen van het koolzuur in cola, dat soort dingen. Die drie factoren maken eigenlijk samen onze hele smaakbeleving van eten. Het is dus ook heel erg moeilijk om daar in het dagelijks taalgebruik onderscheid in te maken. Zo heb je bijvoorbeeld mensen die zeggen ‘ik proef niks meer’, terwijl als ze getest worden blijkt dat het smaakvermogen nog volledig intact is, maar vooral het reukvermogen is aangetast. Mensen vinden dat vaak lastig om te onderscheiden. Met de vragenlijst maken we daar juist specifiek onderscheid in. We zien dat alle drie de factoren heel erg afnemen bij besmetting van het coronavirus.

Wat we ook al kunnen zien, en daarin is het coronavirus eigenlijk heel anders dan een reguliere griep of verkoudheid, is dat waar je bij een normale verkoudheid last hebben van een verstopte neus en je daardoor niet goed kunt ruiken, er hier helemaal geen relatie is tussen een verstopte neus en hoe slecht je reukvermogen eigenlijk is.

Dat zijn nu al twee elementen waarin corona anders lijkt te zijn dan een reguliere griep of verkoudheid. Het werkingsmechanisme lijkt daarmee ook heel anders te zijn. Daar zijn wel een aantal ideeën over, maar dat is niet waar ik onderzoek naar doe.’’

Denk je dat deze vragenlijst een bijdrage kan gaan leveren aan een vroegere diagnose van het coronavirus?

‘’Dat is niet per se het doel ervan, maar ik denk wel dat het een mooie bijvangst zou kunnen zijn. We hebben al wel verhalen van patiënten gehoord die zeggen: ‘het reukverlies was eigenlijk het eerste wat me opviel, pas een paar dagen daarna kreeg ik verkoudheidsklachten of koorts.’ Dus in die zin zijn er wel aanwijzingen dat reuk- en smaakverlies vroege symptomen zijn, maar dat moet nog uit de grote dataset gaan blijken. Als dat zo is, dan kunnen we misschien verder gaan denken. Dan kunnen mensen die plotseling reukverlies bij zichzelf opmerken en daar geen andere verklaring voor hebben misschien uit voorzorg zichzelf en anderen beter beschermen en afschermen.’’

Hebben jullie hierover contact met het RIVM en wereldwijde gezondheidsorganisaties?

‘’Ik heb in maart direct contact met het RIVM gezocht, maar dat was heel erg in het begin en toen stond reuk nog niet hoog op het prioriteitenlijstje. Ondertussen heeft het RIVM reukverlies wel op de lijst met hoofdsymptomen gezet. We zien nu ook dat het in verschillende landen en door de WHO op de lijst met symptomen is gezet. Ik denk wel dat al deze onderzoeksinspanningen daartoe hebben geleid, hierdoor heeft het meer aandacht gekregen en werd het serieus genomen.

Er is ook nog best wel veel discussie over. Ik las vorig weekend een column in het NRC waarin iemand schreef: ‘waarom zou je in godsnaam reuk bij COVID-19 gaan onderzoeken, want het komt zelden bij patiënten voor.’ Ik denk dat dat ondertussen al redelijk achterhaald is. We hebben nog geen betrouwbare cijfers van hoe vaak het voorkomt, want daarvoor ben je ontzettend afhankelijk van het soort patiënten wat wordt getest natuurlijk. Maar de schattingen lopen ondertussen uiteen van 30% tot wel 90%, dus het is zeker niet iets wat heel zeldzaam is. Als ik ook kijk naar hoe ontzettend veel mails en reacties ik op dit onderzoek van mensen krijg blijkt daaruit wel dat dit geen zeldzaam fenomeen is. Hieruit blijkt ook dat het best wel lang kan duren voordat het reuk- en smaakvermogen zich weer herstelt. ‘’

Is daar al meer over bekend, keert de reuk altijd terug bij coronapatiënten?

‘’In onze data hebben we daar nog niet specifiek naar gekeken. In eerste instantie namen we aan dat het reuk- en smaakvermogen redelijk snel terugkeerde, maar we horen nu juist best wel wat verhalen van patiënten waar dat niet het geval is. Dus dat is zeker iets waar we in de komende analyses nog meer aandacht aan gaan besteden. Het is natuurlijk heel erg ‘on going’, zowel corona als het onderzoek, dus dat weten we gewoon nog niet.’’

Denk je dat alle aandacht rondom het coronavirus nu ook voor meer aandacht voor anosmie zorgt?

‘’Ja, zeker. Ik heb dat in het begin van corona gedacht, toen het symptoom reukverlies een beetje in de media kwam, in zekere zin is het toch wel een beetje een zegen voor anosmie. Het is natuurlijk verschrikkelijk, maar nu weten mensen van over de hele wereld wat reukverlies betekent, en dat het bestaat. Iedereen weet nu ook dat het een enorme impact kan hebben, nu ziet iedereen wel het belang in van het reukvermogen. Mensen kennen ineens de term anosmie, dat was drie maanden geleden natuurlijk helemaal niet het geval.

In die zin denk ik dat het zowel voor wetenschappers als voor patiënten een positieve kant kan hebben. Er komt meer aandacht en wellicht ook meer geld beschikbaar, en meer begrip voor patiënten. Dat zorgt uiteindelijk ook voor betere behandelingen. Je merkt nu ook dat het bij een deel van de patiënten toch wel vrij lang lijkt te duren voordat er herstel plaatsvindt, en ze nu zelf ook op zoek gaan. Wat is er voor behandeling, kan ik zelf iets doen? Dus je ziet dat die vraag naar antwoorden ook groter wordt.’’

Wat zou je mensen met plotseling reukverlies nu aanraden om te doen?

‘’Die vraag krijg ik natuurlijk heel veel en dat vind ik wel lastig. Ik ben zelf geen arts dus ik zou zeggen: houd vooral de richtlijnen van het RIVM aan. Ik persoonlijk zou, als je nu in één klap last hebt van verlies van je reuk en/of smaak zonder dat je daarvoor een andere oorzaak kan bedenken, het zekere voor het onzekere nemen.

Zo zijn er ook verhalen van patiënten waarbij reuk- en smaakverlies het enige symptoom is wat ze hadden, en dat ze toch positief getest werden en corona bleken te hebben. En voor iedereen: als je vermoedt dat je corona de afgelopen 2 weken corona hebt gehad of verkouden bent geweest, vul dan alsjeblieft de vragenlijst in.’’

Hoe gaat het onderzoek nu verder?

‘’Op dit moment zijn we vooral bezig met de vragenlijst, die is er. Maar we zijn ook druk bezig met het ontwikkelen van een soort thuistest, zodat mensen thuis de ontwikkeling van hun reuk en smaak kunnen testen, en dit dan ook in een app kunnen bijhouden. De vragenlijst is natuurlijk heel erg gebaseerd op zelfrapportage, wat mensen zelf vinden. Met behulp van zo’n thuistest willen we ook iets meer kwantificeren. Dus om het ook op een objectievere manier te kunnen testen. We willen dat mensen dat ook over de tijd kunnen herhalen, zodat ze de progressie kunnen bijhouden. Het leuke en ook het lastige hieraan is: we ontwikkelen zoiets voor de hele wereld en een groot deel van de wereld is in quarantaine, niet iedereen kan zomaar naar buiten om spullen te kopen voor zo’n reuk- en smaaktest. Dus we moesten heel erg gaan nadenken van: wat voor producten kun je daarvoor goed gebruiken? Wat voor soort producten heeft iedereen standaard in huis, in de badkamer en in het keukenkastje? Dat was nog even een gepuzzel, maar ik vermoed dat die app er zeer binnenkort aankomt. ‘’

Heb je enig idee hoe lang jullie nog met het onderzoek bezig zijn?

‘’Voorlopig gaan we door zolang het virus doorgaat. We blijven data verzamelen, de verwachting is dat er misschien een tweede golf aankomt. Ik kan me voorstellen dat we dat misschien al kunnen voorspellen aan de hand van de verzamelde data. Misschien kunnen we daaraan toetsen: is dit reukverlies een vroeg symptoom, ja of nee? Dus voorlopig gaan we nog even door en roepen we iedereen op om mee te doen.’’

Heeft u, of iemand in uw omgeving, recent verkoudheids- of griepverschijnselen gehad? Of heeft u corona gehad? Vul dan de vragenlijst van het GCCR in door op onderstaande link te klikken. Zo draagt u bij aan wereldwijd onderzoek naar het verlies van reuk- en smaakvermogen bij het coronavirus.

Vragenlijst GCCR: https://gcchemosensr.org/surveys/nl/

__NB_JUNI2020_SANNE

Interview met Teun Aalbers

Teun Aalbers is mede-oprichter van applicatie-ontwikkelaar GainPlay Studio, het bedrijf dat onze reuktrainingapp heeft ontwikkeld. Hij en zijn team zijn het brein achter alle ontwikkelingen van de app en ons aanspreekpunt voor alle vraagstukken. We interviewen hem om meer te weten te komen over de totstandkoming van reuktraining.nl.

Over GainPlay Studio

Oprichters: Teun Aalbers (business) en Jan Jonk (design)

Team: op dit moment werkzaam met een team van 5 mensen (inclusief stagiaires)

Specialisatie: het ontwikkelen van apps gericht op gedragsverandering/therapietrouw

Mooiste project: MindLight, een game voor kinderen met een angststoornis

Het ontstaan van reuktraining.nl

‘‘Het contact voor de reuktrainingapp kwam via mij binnen, via de Dutch Game Garden waar wij onderdeel van zijn. Wij waren meteen enthousiast over deze app, omdat het heel erg past binnen de visie van GainPlay Studio. Wij zien dat gametechnologie kan bijdragen aan de motivatie om een bepaald soort gezondheidsgedrag te vertonen. We hebben ook een aantal andere projecten die heel erg op therapietrouw* zijn ingestoken, dit is ook waar reuktraining.nl om draait. Dat was voor ons dus ook heel interessant, omdat we hier ook weer van konden leren. Het leuke aan ons werk is dat wij bij alle projecten van tevoren geen inhoudsexpert zijn, maar gaandeweg heel erg veel leren.

 

Een vriendinnetje uit mijn studententijd heeft anosmie. Ik was dus al wel bekend met deze aandoening en wat dat voor iemand kan betekenen. Dan is het altijd leuk om te kijken of je bij kunt dragen aan een oplossing voor een bepaalde patiëntengroep of een nieuwe groep gebruikers. Wij vinden het heel interessant om te kijken of je iets kunt ontwikkelen voor een relatief kleine groep gebruikers, omdat die anders vaak ondergesneeuwd raken. Dat is bij anosmie ook het geval.’’

 

De ontwikkeling van de app

‘’Ieder project is natuurlijk anders. Bij reuktraining.nl was Ilona Owusu het eerste aanspreekpunt vanuit het bestuur. Zij heeft vanuit haar werk gedeeltelijk een design-achtergrond, maar de vraag waarmee het bestuur onze kant opkwam was eigenlijk nog heel erg open. De beginfase heeft dan ook wel een tijdje geduurd, het is altijd een uitdaging om de wensen helemaal in kaart te brengen. Vragen die we dan stellen zijn; wat zijn de kaders waarbinnen we dit project gaan uitvoeren? Hoe blijft het ook behapbaar binnen het budget?

We hadden meteen hele grote en hele kleine ideeën waar we mee aan de slag konden. De vraag vanuit het bestuur was wel om het project overzichtelijk te houden en om niet per se een ‘game’ te ontwikkelen, maar wel aan de applicatiekant te blijven. Vanuit voorgaande trajecten die we vanuit therapietrouw hebben gedaan hadden we wel al meteen een aantal ideeën, vanuit de wetenschap die daarachter zit. Er zijn een aantal strategieën om mensen gemotiveerd te houden.

Toen zijn we na gaan denken over hoe alles er dan uit moet gaan zien, en welke functionaliteiten nou écht belangrijk zijn. Hierin hadden we, gezien de wensen van het bestuur, twee belangrijke pijlers: de wetenschappelijke achtergrond én de gebruiksvriendelijkheid voor de patiënten. Het verzamelen van wetenschappelijke data was voor de functionaliteiten die daarvoor in de app moesten worden ingebouwd best wel ingewikkeld en koste veel tijd.

De data die verzameld worden komen terecht in een database, die wij beheren. Er is een verwerkingsovereenkomst gesloten met het bestuur waarin staat wie er toegang mag hebben tot die database bij ons binnen het bedrijf en voor welke doeleinden wij dat mogen doen. Op dit moment zijn de enige redenen waarom wij tot die data toegang hebben ofwel voor onderhoud, ofwel voor het uitdraaien van een exportvorm in opdracht van het bestuur. De gegevens worden dus allemaal beveiligd opgeslagen, en wij doen daar als bedrijf in principe niks mee totdat het bestuur daarom vraagt.

De uitdaging bij het ontwikkelen van deze app was het feit dat datgene wat wij mensen willen laten doen, terwijl ze die reuktraining aan het doen zijn, niet zo veel beweegruimte meer geeft. Het is een relatief simpele handeling: 30 seconden aan een flesje ruiken. Dat doe je met 3 of 4 geuren en dan ben je klaar. De applicatie moet hier perfect bij aansluiten. Je hebt dan geen ruimte om iemand bijvoorbeeld een kwartier lang een puzzelspelletje te laten spelen. Dan worden je opties beperkt, mensen moeten er snel en makkelijk mee om kunnen gaan. Toen kwamen we al snel bij mini-games uit, die je heel even afleiden van het feit dat je iets inherents redelijk saais aan het doen bent. Daar moet dan net voldoende variatie in zitten en daar hebben we ook met Ilona en de rest van het bestuur over gebrainstormd.

De vraag was: hoe kunnen we de herhaling van het ruiken aan een flesje zo laagdrempelig mogelijk maken? Dit moet ook nog eens aansluiten bij een zeer heterogene doelgroep, van alle leeftijden. Dan kom je qua ontwerp bij een redelijk mainstream design uit, je kunt niet volledig in een niche voor kinderen gaan zitten, of juist iets uitkiezen wat ouderen heel erg aanspreekt. De games moeten ook niet al te ingewikkeld zijn. ‘’

Doorontwikkeling van de app

‘’Er is voor nu geen nieuwe ontwikkelvraag vanuit het bestuur. Dit is de app en hiermee gaan we aan de slag. De app is ook in eigendom van de vereniging. Het bestuur wil de app gratis beschikbaar stellen aan iedereen die daar gebruik van willen maken, wat denk ik heel erg goed is. Voor ons betekent dit dat er echt een vraag moet komen van het bestuur om daar weer wat mee te doen. Ik kan me heel goed voorstellen dat er vanuit de gebruikers vragen gaan komen voor nieuwe games en extra opties, dan zal het bestuur zelf een afweging moeten maken of het de moeite waard is om dat wel of niet te laten doen.

Bij de lancering van de app bleken wat mensen problemen te hebben, zij hadden het Game Center van iOS niet ingeschakeld staan. Dat is standaard bij projecten, dat er zoiets misgaat. Het duurt soms een uur om achter zo’n probleem te komen, soms duurt het twee weken. Het kan ook zijn dat er echt iets fout zit in de code. Soms heb je dat heel snel gevonden, en soms heb je pech. In dit geval hadden we wel het vermoeden, met de verzamelde gegevens van alle gebruikers waar het misging. Uiteindelijk hebben we dan dus kunnen beredeneren dat het aan het Game Center ligt. Wij slaken dan ook wel een zucht van verlichting hoor, want als het daar dan niet aan ligt dan kunnen we opnieuw beginnen met zoeken naar een oplossing. Als je er niet uitkomt ga je een heel lang proces in, dat wil je liever niet.’’

En nu?

‘’Het project rondom reuktraining.nl is voor ons afgerond. Nu zijn we met ons team bezig met een project wat echt nog in de conceptfase zit, dat is een project wat we doen in de palliatieve zorg (zorg rondom het levenseinde). Dit is een ingewikkeld onderwerp, veel Nederlanders vinden het moeilijk om hierover te praten en mee om te gaan. Met dit project gaan we mensen daarin ondersteunen en begeleiden. Het is niet echt een game in de traditionele zin van het woord, maar wel een project waarin we mensen met een gamemechanisme gaan ondersteunen om dat gesprek open te breken en te starten. Op dit moment is dat helemaal actueel natuurlijk. Maar vanuit een maatschappelijk oogpunt vind ik dat een ontzettend mooi project, ook vanuit een eigen ervaring. Daar ben ik heel erg trots op. Het zit nog wel in de conceptfase, we zijn nog bezig om hier financiering voor te vragen en het is natuurlijk maar de vraag of dat gaat lukken.

We brainstormen intern ook over een app ter ondersteuning bij het stoppen van de besmetting van het coronavirus. Ik vind, wij moeten uitgaan van onze eigen kracht. Die ligt bij gedragsverandering van mensen. Daar zijn wij goed in. Dat is voor de oplossing die we nu zouden moeten hebben slechts een deel van het verhaal. Je hebt ook vraagstukken over database-structuren, regels rondom privacy, wel of geen gps-tracking, gaat het allemaal naar de overheid, enz. Er zit een heel groot scala aan ethische en morele vraagstukken achter, wat niet per se ons specialisme is en ook niet iets is waar onze ambities liggen. Wij zouden aan de voorkant van die app, waar de gebruiker mee in interactie gaat, denk ik wel echt een bijdrage kunnen leveren. Het inzetten van spelmechanismen om mensen te motiveren of iets te leren en ander gedrag te laten vertonen. En om ze te activeren, maar ook betrokken te houden bij die problematiek. Want je voelt nu al aankomen dat mensen hun aandacht aan het verliezen zijn, en dat ze het allemaal een beetje zat zijn. Hoe zorgen we er nou voor dat mensen de juiste mindset blijven houden?

Verder wil ik nog wel even benadrukken dat Ik denk dat de actie die jullie als patiëntenvereniging met reuktraining.nl genomen hebben, wel een hele positieve is. Jullie durven af te stappen van de traditionele manieren van communiceren via nieuwsbrieven en de website. Dat doen jullie ook nog natuurlijk, en dat is ook goed. Maar de maatschappij verandert en ik denk dat jullie relatief nog steeds aan de voorkant zitten om mee te gaan met die verandering. En ik hoop, niet alleen omdat ik zelf in die business zit, dat meer patiëntenorganisaties dit soort stappen gaan nemen om hun leden te ondersteunen op een positieve manier. Daarmee hoop ik dat mensen realiseren dat het hiermee ook niet klaar is. Deze app doet het over 10 jaar niet meer, gewoon omdat de techniek vooruitgaat, maar ook omdat mensen andere dingen gaan verwachten. Jullie zouden er nu bijvoorbeeld alweer over na kunnen gaan denken hoe en of jullie de app over 5 jaar willen gaan updaten. Mensen blijven nieuwe dingen verwachten, en daar moet een soort van langetermijnvisie komen. Hoe past de techniek bij wat wij uitdragen naar onze leden? Ik vind dat jullie daar een hele positieve rol in spelen, en ik hoop dat meer organisaties dat ook gaan doen.’’

*Therapietrouw is het gewillig en blijvend volgen van de door een arts voorgeschreven behandeling door een patiënt

__NB_JUNI2020_TEUN

Reuk- en smaakverlies door COVID-19

Via verschillende bronnen ontvangen we steeds meer berichten dat COVID-19, het coronavirus, een (al dan niet tijdelijk) verlies van reuk en/of smaakzin veroorzaakt. Wereldwijd wordt op dit moment door diverse wetenschappelijke instituten en medisch specialisten op het gebied van reuk- en smaakstoornissen onderzoek gedaan om meer duidelijkheid te krijgen over de relatie tussen COVID-19 en reukverlies. Onze vereniging staat in nauw contact met wetenschappers van de Universiteit van Wageningen en het reuk- en smaakcentrum in Ede. Beide instituten zijn de expertisecentra in Nederland op het gebied van reuk en smaak en nemen deel aan het wereldwijde onderzoek. Omdat er nog zo weinig bekend is over het COVID-19 virus proberen wij alle informatie te verzamelen en deze met u te delen.

Berichtgeving uit Engeland
De Britse patiëntenvereniging voor anosmie, Fifth Sense, plaatst in samenwerking met The British Rhinological Society, de Britse organisatie voor rhinologie, een artikel over de meest recente bevindingen. De op één na meest voorkomende oorzaak van reukverlies (anosmie) is Post Viral Olfactory Loss: reukverlies na een virusinfectie. Diverse onderzoeken geven aan dat ongeveer 12% van de mensen met anosmie dit heeft verworven als gevolg van een griep of verkoudheidsvirus. We weten dat COVID-19, oftewel het coronavirus, ook in deze categorie valt. Het is daarom misschien geen verrassing dat het virus bij patiënten ook anosmie zou kunnen veroorzaken.

Het reukverlies veroorzaakt door COVID-19 is misschien maar tijdelijk, maar het is zeer verontrustend voor iedereen die dit ervaart. Op dit moment weten we nog niet of de effecten van COVID-19 van tijdelijke aard zijn of niet. Onze collega’s van Fifth Sense geven advies over hoe de symptomen te verlichten zijn. Zo wordt er aangeraden om bij onverwachts reukverlies een reuktraining uit te proberen die ervoor zorgt dat uw reuksysteem geprikkeld wordt.

Professor Claire Hopkins, directeur van The British Rhinological Society en professor Nirmal Kumar, directeur van ENTUK (Britse vereniging van KNO-specialisten), laten weten dat er nieuw bewijs is voor reukverlies als symptoom van een infectie met COVID-19.  Er zijn aanwijzingen uit Zuid-Korea, China en Italië dat aanzienlijke aantallen patiënten met COVID-19 een vorm van anosmie of hyposmie hebben ontwikkeld. In Duitsland wordt gemeld dat meer dan 2 op de 3 bevestigde gevallen anosmie hebben. In Zuid-Korea, waar meer testen zijn uitgevoerd, vertoont 30% van de patiënten symptomen van anosmie. Bovendien is er een snel groeiend aantal meldingen geweest van een significante toename van het aantal patiënten dat zich presenteert met anosmie, in afwezigheid van andere symptomen. Dit is wereldwijd gedeeld op medische platformen door chirurgen uit regio’s met een hoog aantal besmettingen. Iran heeft een plotselinge toename van gevallen van geïsoleerde anosmie gemeld, net als collega’s uit de Verenigde Staten, Frankrijk en Noord-Italië. Het gaat hier dus om mensen die enkel als symptoom een verlies van reuk en/of smaak vertonen. Helaas voldoen deze patiënten niet aan de huidige criteria voor testen en zelfisolatie.

Hoewel het zou kunnen dat de toename van deze incidenten slechts een weerspiegeling is van alle aandacht die het coronavirus in de media heeft getrokken, en wellicht veroorzaakt wordt door reeds bekende griep- of rhinovirussen, zou het symptoom kunnen worden gebruikt als screeningtool om COVID-19 te identificeren bij verder asymptomatische patiënten, die dan kunnen worden geïnstrueerd over zelfisolatie. Dit zou bij kunnen dragen aan verdere verspreiding van het virus.

De hierboven geplaatste informatie is afkomstig uit een artikel gepubliceerd door Fifth Sense, lees hier het originele artikel: https://www.fifthsense.org.uk/covid-19-corona-virus-and-smell-loss-guidance-from-fifth-sense-medical-director/

Reuksmaakstoornis.nl
Als patiëntenvereniging wil reuksmaakstoornis.nl advies en informatie bieden over het verlies van reuk en/of smaak aan iedereen die hier behoefte aan heeft. Houd onze website en Facebookpagina in de gaten voor updates. Lees hier meer over reuktraining en over onze eigen reuktrainingapp, die ter ondersteuning gebruikt kan worden.

Lees meer:

Onderzoek ‘Neus tot brein’

In de zomer van 2017 werkte het Reuk- en smaakcentrum in Ede mee aan een Zweeds onderzoek over multisensorische integratie, het ‘Neus tot brein’-onderzoek. De focus voor dit onderzoek lag op mensen met aangeboren anosmie. In Nederland deden in totaal elf anosmiekers mee. Zij werden, samen met elf Nederlanders zonder reukstoornis met eenzelfde soort profiel, aan verschillende tests onderworpen. Zo kregen zij verschillende afbeeldingen te zien en geluiden te horen, terwijl er ondertussen scans van de hersenen werden gemaakt.

Door de hersenen van iemand met aangeboren anosmie te vergelijken met die van iemand zonder anosmie hopen de onderzoekers belangrijke informatie te verkrijgen die kan bijdragen aan onderzoek naar het beter begrijpen van reuk- en smaakstoornissen. Ook wordt er gekeken of mensen met aangeboren anosmie, doordat zij geen gebruik kunnen maken van het reukorgaan, andere zintuigen sterker of anders ontwikkelen dan mensen die wel kunnen ruiken.

In totaal zijn er in Nederland en Zweden 34 mensen met aangeboren anosmie getest, en hier tegenover 34 personen zonder reukstoornis. De resultaten zijn nog niet bekend, de Zweedse onderzoekers zijn nog volop bezig met het analyseren van de beelden van de scans. Afgelopen september werd de allereerste voorpublicatie over dit onderzoek gedaan. Hierin wordt onder andere bevestigd dat de hersenen van de anosmiekers er bij het olfactorisch gebied (het deel in je hersenen wat te maken heeft met het verwerken van geuren) anders uitzien dan die van de niet-anosmiekers. Dit is echter niet het geval bij de primaire reukcortex. Dit is het deel van de hersenen dat geuren identificeert. Dit betekent dat een leven lang niet kunnen ruiken niet noodzakelijkerwijs leidt tot veranderingen in de primaire reukcortex. Wat dit verder zou kunnen betekenen is nog niet duidelijk, maar het geeft wel hoop voor toekomstig onderzoek. Ook bevestigen deze bevindingen voorgaande onderzoeken.

Verdere onderzoeksresultaten van het ‘Neus tot brein’- onderzoek zijn nog niet bekend. Hoofdonderzoeker is het Karolinska institutet in Stockholm, Zweden. Wetenschappers Elbrich Postma en Sanne Boesveldt, werkzaam bij het Reuk- en smaakcentrum in Ede en de afdeling Humane Voeding van Wageningen University, volgen het onderzoek op de voet.

Meer nieuws over implantaat bij verlies reukzin

 Zo’n twee maanden geleden vertelden we u al over de ontwikkeling van een implantaat. Deze week stuitten we op meer informatie in dit Engelstalige artikel. In dit verhaal brengen we u op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen.

De Amerikaan Scott Morehead liep een hoofdtrauma op toen hij zijn zoontje van zes leerde skateboarden. Door de val op zijn hoofd verloor hij  zijn reukzin. Toch gaat hij niet bij de pakken neer zitten. Hij neemt deel aan een beginnend onderzoek van de Virginia Commonwealth University (VCU) Harvard Medical School om een medisch instrument te ontwikkelen dat mensen met een hoofdtrauma kan helpen om alledaagse geuren weer te kunnen waarnemen en onderscheiden. Dit instrument is deels een implantaat.

Specialiteiten
Laten we beginnen met wat achtergrondinformatie: Ruiken gebeurt, zoals bij alle zintuigen, in meerdere stappen. Geuren, of beter gezegd geurmoleculen, komen de neus binnen en passeren eerst een laag snot voordat ze zich hechten aan geurreceptoren. Die hechting wekt elektrische signalen op die specifieke delen in de bulbus olfactorius, het reukorgaan in ons brein, bereiken. ‘’De ene zenuwcel reageert op koekjes maar wellicht niet op cake. Maar de cel ernaast doet misschien wel het tegenovergestelde’’, vertelt Eric Holbrook, hoofd rhinologie aan het Massachusetts Oog en Oor Ziekenhuis. ‘’Een cel reageert waarschijnlijk op meerdere geuren, maar heeft één specialiteit’’, vervolgt hij. Holbrook werkt samen met het onderzoeksteam en is nu hard op weg een sluiproute te vinden waarmee hij de bulbus olfactorius kan stimuleren om zo een geursensatie op te wekken.

Lange weg
Uiteindelijk hopen de onderzoekers een middel te ontwikkelen dat soortgelijk opereert als het cochlear implantaat voor mensen met gehoorproblemen. Deze implantaten zetten geluid om in elektrische signalen dat het brein kan onderscheiden. Eerder dit jaar schreef Holbrook al over de studie waarbij hij door elektrische stimulans een person met reukzin geuren kon laten waarnemen. Er is dus nog een lange weg te gaan voor verloren reukzin kan worden hersteld. Toch is het een belangrijke stap in de weg er naartoe, vindt hij. Hierover schreven we al eerder dit artikel.

Op een bril
Het cochlear implantaat heeft een externe geluidsgeleider dat achter het oor gedragen wordt. Daarin zitten een microphoon en minicomputer verstopt. Die geleider geeft signalen door aan een inwendig onderdeel, de implantaat. Die stimuleert de zenuwen in het slakkenhuis.  Het team ontwikkelt een soortgelijk instrument dat eventueel onder de neus of op een bril past. Dit instrument zou een geursensor bevatten en een geleider, die signalen afgeeft aan een implantaat dat de bulbus olfactorius kan stimuleren.

Bommen opsporen
Daniel Coelho, een cochlear-chirurg die met het team samenwerkt, stelt dat de geursensors geavanceerder moeten worden zodat ze meer geuren kunnen onderscheiden om werkelijk bruikbaar te worden. Het plan is om een miniatuur versie te maken van de zogeheten elektrische neuzen die ook worden gebruikt bij het opsporen van bommen en bedorven voedsel. Daarnaast moeten de onderzoekers de optimale chirurgische benadering vinden om zo’n implantaat op een veilige manier te plaatsen.

Niets nieuws
Het ontwikkelen van zo’n olfactorische implantaat zal nog jaren kosten volgens Coelho, maar onmogelijk is het niet. ‘’Het is een vrij simpel idee, we zijn niet iets heel vernieuwends aan het uitvinden’’, meent hij. Het team probeert juist bestaande technologie op een nieuwe manier bij elkaar te brengen.

Moorehead, de patiënt die meewerkt aan het onderzoek, verwacht zijn reukzin niet zomaar terug te krijgen. Maar de kans om anderen met anosmie en de onderzoekers te helpen, liet hij niet voorbij gaan. ‘’Het was voor mij heel duidelijk dat ik dit moet doen’’, verklaart hij tot slot.

Reukverlies door zwerftand!

Hoofdtrauma’s, virussen of sinusale afwijkingen; je kunt je reukzin helaas door allerlei oorzaken verliezen. Toch hadden wij hier nog niet eerder van gehoord. Een 59-jarige man uit Denemarken mopperde al jaren over het geleidelijke verlies van zijn reukvermogen. De oorzaak? Er groeide een zwerftand in zijn neus!

Harige cyste

De man, van wie zijn naam niet bekend is, onderging een CT scan bij het Aarhus University Hospital in Denemarken. Volgens de studie die 21 februari werd gepubliceerd in BMJ Case Reports was er op de  de scan een vreemd gevormde massa te zien. De dokters gingen uit van een dermoidcyste die inderdaad bijzondere vormen kan aannemen en soms zelfs haargroei heeft.

Losse tand

Echter, toen de artsen het obstakel chirurgisch wilden verwijderen, kwamen ze tot een opmerkelijke ontdekking. Ze vonden een extreem zeldzaam verschijnsel; een zwerftand in neus. De artsen vermoeden dat dit bij slechts 0,1 tot 1 procent van de patiënten in de wereld voorkomt.

Look-a-like

‘’Een  zwerftand in de neus is zeldzaam en de symptomen zijn wisselend’’, stelt een van de artsen. ‘’Het kan lijken op andere aandoeningen zoals chronische rhinosinusitis. Chirurgische verwijdering wordt aangeraden om  de diagnose te bevestigen en de symptomen te bestrijden’’, vervolgt hij.

Geen verklaring

Volgens de auteurs van de studie verbeterde de reukzin van de man nadat de tand verwijderd was. De dokters hebben echter geen idee wat de oorzaak is van de zwerftand. Ook is het onduidelijk hoe lang de tand er heeft gezeten zonder dat de patiënt het in de gaten had. Trauma’s of infecties zijn mogelijke oorzaken van een misplaatste tand, maar in het geval van de Deen was van geen van die omstandigheden sprake.

‘’In deze zaak was er dus geen duidelijke verklaring’’, schrijven de dokters tot slot in het rapport.

 

Goede voornemens: Jurgen gaat voor meer groenten en minder vlees

Minder vloeken, vaker sporten, harder sparen… We zijn al halverwege januari en dat betekent dat veel mensen hun best doen zich aan hun goede voornemens te houden of deze stiekem zelfs  al overboord hebben gegooid. Zo niet Jurgen Verboven, die ondanks zijn anosmie vastberaden is gezonder te gaan eten.

Vette hap
Zijn reukverlies maakt het hem echter niet bepaald gemakkelijk. Wie niets ruikt moet het hebben van de vijf tongsmaken en mondgevoel. De smaakbeleving is dus beperkt en de voorkeuren daardoor lang niet altijd verstandig: ‘’Chips en kroketten, dat zijn echt mijn grootste valkuilen’’, bekent hij lachend. ‘’Sinds mijn ik mijn reuk ben kwijtgeraakt heb ik een hang naar heel krokante, zoute dingen. Heel zoute naturelchips vind ik het fijnst om te eten’’, vervolgt hij.

Maar dat soort junkfood is natuurlijk niet gezond en bovendien slecht voor de lijn. ‘’Met de jaren merk je wel dat de kilo’s er gemakkelijker aan komen’’, geeft Jurgen toe, ‘’Ik wil echt meer groenten gaan eten’’, stelt hij.

Hoofdtrauma
Jurgen verloor zijn reukzin in 2010 bij een scooterongeluk. ‘’Ik knalde tegen een boom, mijn voorhoofd en de linkerhelft van mijn gezicht waren verbrijzeld’’, vertelt hij. ‘’Om me te kunnen redden, hebben de artsen mijn reukorgaan tijdens de operatie zwaar moeten kneuzen. Naderhand is me gezegd dat ik, wanneer mijn reuk niet binnen een jaar terug zou terugkomen, ik waarschijnlijk nooit meer kan ruiken’’, herinnert hij zich. Inmiddels zijn we acht jaar verder en probeert hij ondanks zijn anosmie en ander hersenletsel het beste van elke dag te maken. Mede om die reden emigreerde Jurgen met zijn gezin naar Spanje.

‘’Ironsich genoeg heb ik pas na mijn ongeluk écht leren koken. En ik ben best goed geworden, al zeg ik het zelf’’, grapt hij, ‘’Ik ben gek op experimenteren, ik proef het zelf toch niet.’’ Een tijdje geleden kookte hij samen met een vriendin voor 12 vrienden een 10-gangen diner. ‘’Geweldig leuk om te doen. Ik ben ook gek op heel veel verschillende kleine gerechtjes. Met de tapas hier in Spanje zit ik dus helemaal goed!’’

Sambal smeren
Sinds zijn reukverlies ligt de focus in smaakbeleving voor Jurgen niet alleen op zout en knapperig, maar ook het mondgevoel is belangrijk. ‘’Structuur, temperatuur, kleur en ik ben veel pittiger gaan eten… Ik smeer bijna overal sambal op.’’ Groenten behoren niet tot zijn favorieten dus: ‘’Broccoli is nog wel oké, maar ook niet zeven dagen per week’’, vindt Jurgen. Welke groente hij ronduit vies vindt? ‘’Courgette. Die structuur is voor mij echt om te kokhalzen. Rauw door een salade gaat het wel, maar zodra het eenmaal in de pan is geweest… Verschrikkelijk’’, biecht hij op.

Die courgettes worden echter vaak gebruikt in vegetarische gerechten, en die staan wel degelijk op zijn wensenlijstje: ‘’Het is de bedoeling minder vlees te gaan eten. Met name voor mijn gezondheid en het milieu, maar ook omdat ik niet achter de vleesindustrie sta. Dat mensen vlees eten vind ik geen probleem, maar de manier waarop het nu gaat staat me tegen. Daarom wordt het mijn uitdaging om groente op verschillende manieren te bereiden zodat het spannender wordt om te eten. Dat is wat ik wil gaan proberen de komende tijd’’, aldus Jurgen.

Jerusalem
Wat nu als je die groenten een pittige twist geeft? ‘’Ik wil meer curry’s en tajine gerechten gaan eten. Die kruiden uit het Midden-Oosten, zoals kaneel en ras el hanout werken het best voor mij. Daarom is het kookboek ‘Jerusalem’ van Ottolenghi wat mij betreft ook echt een aanrader voor mensen met anosmie.’’, besluit hij

Reukzin opgewekt door elektroden in neusholten

Wetenschappers hebben voor de eerste keer in de geschiedenis reukzin bij mensen kunnen opwekken met behulp van elektronische stimulatie. De zenuwen werden geprikkeld in de bulbus olfactorius, het deel in de hersenen waar geurdeeltjes worden omgezet naar informatie dat vervolgens verspreid wordt naar gebieden dieper in het brein.

De moeite waard
De wetenschappers van Massachusetts Eye and Ear deelden de resultaten van hun proef eind 2018 op het internationale forum voor Allergie en Rhinologie. Het team stelt dat hun resultaten een eerste aanzet geven om in de toekomst implantaten te ontwikkelen die bij reukverlies de reukzin terug kunnen brengen.

‘’Ons werk laat zien dat de technologie om reukzin te herstellen het waard is om verder te bestuderen’’, stelt een van de onderzoekers, Eric Holbrook. ‘’Het ontwikkelen van cochleaire implantaten (ten behoeve van het gehoor) kwam ook niet echt van de grond tot iemand elektroden in het slakkenhuis stak en ontdekte dat de patiënt een bepaalde frequentie waarnam’’, vervolgt hij.

Ingrijpend verlies
Reukverlies, ofwel anosmie, komt naar schatting bij 5% van de wereldbevolking voor. Waar in sommige gevallen de achterliggende oorzaken zoals poliepen behandeld kunnen worden, is dat in het geval van zenuwschade een stuk complexer.

Onze reukzin draagt echter niet alleen bij aan onze levenskwaliteit, maar ook aan onze veiligheid in het dagelijks leven. Met onze reuk herkennen we bijvoorbeeld rook wanneer er brand is, gaslekken en bedorven voedsel. Ook de eetlust kan afnemen doordat smaak en reuk zo nauw verbonden zijn.

Geur door elektroden
De resultaten die het platform zijn gepubliceerd tonen aan dat er een reële kans is dat er ook voor patiënten met reukverlies een implantaat ontwikkeld kan worden. In het rapport beschrijven de wetenschappers de endoscopische procedures waarbij zij elektroden plaatsen in de neusholten van vijf patiënten van wie de reukzin intact is. Drie van hen vertellen over het waarnemen van geuren zoals uien, zure en fruitige aroma’s als reactie op de elektronische stimulans.

Deze doorbraak bij menselijke patiënten opent deuren voor de ontwikkeling van een ‘’neus-implantaat’’. Desalniettemin waarschuwen de onderzoekers wel dat het concept van zo’n implantaat meer vereist dan de huidige technologie die er voor de cochleaire implantaten beschikbaar is.

Toekomstdroom
‘’Er is momenteel zo weinig dat we kunnen doen voor deze patiëntengroep. We hopen er uiteindelijk in te slagen om de reukzin te herstellen bij de patiënten die deze verloren zijn’’, aldus Holbrook. ‘’We weten nu dat elektrische prikkels ervoor kunnen zorgen dat de bulbus olfactorius geuren waarneemt. Dat is bemoedigend’’, besluit hij.

 

Reukverlies vertelt de wetenschap meer over ziektes

Mei Peng is onderzoeker aan de Universiteit van Otago en gespecialiseerd in zintuiglijke waarnemingen. Uit haar resultaten blijkt dat het reukvermogen het leven niet alleen prettiger maakt, maar ook een indicatie geeft van onze fysieke en mentale gezondheid. Als zij moest kiezen tussen het verlies van haar reukzin of smaak, zou ze naar eigen zeggen zeker voor de laatste optie gaan.

Ze weet dat veel mensen denken dat smaak belangrijker is voor onze kwaliteit van leven. Toch is ze het daar niet mee eens: met je smaak kun je maar vijf basissmaken onderscheiden terwijl we miljoenen verschillende geuren kunnen waarnemen.

‘’Geur is veel complexer dan smaak’’ stelt ze, ‘’Een kop koffie, waarvan je zou zeggen dat het een koffiegeur heeft, bevat eigenlijk 300 verschillende geurdeeltjes die samen koffie naar koffie laten ruiken.’’

De meerwaarde van geur
Iemand die niets meer proeft, mist de zoetheid van een aardbei of het zuur van citroen. Maar dankzij hun reukzin kunnen ze de smaaknuances van de vruchten nog wel waarnemen. ‘’Men denkt dat je de smaak in je mond waarneemt, maar dat gebeurt juist in je neus. Daarom zou ik liever niet meer proeven dan niet meer ruiken’’, legt Peng uit.

Samen met andere researchers komt ze nu tot de conclusie dat onze reukzin er niet alleen voor zorgt dat onze kwaliteit van leven hoger is. Het is ook nauw verbonden met onze mentale en fysieke gesteldheid.

Het is al langer bekend dat reukverlies een vroeg symptoom van zowel Alzheimer als Parkinson kan zijn. De wetenschap vermoedt dat dit komt door veranderingen in de bulbus olfactorius, het deel in onze hersenen waarin geuren worden herkend.

Veranderingen in dit gebied worden ook wel geassocieerd met depressies. De bulbus olfactorius van mensen met een depressie kan zelfs krimpen waardoor zij minder gevoelig worden voor geuren.

Kiezen voor tongsmaken
Recent vond Peng ook een verband tussen obesitas en reukverlies. Ze was de hoofdauteur van een studie die werd gepubliceerd in November. Daaruit bleek dat hoe beter een persoon kan ruiken, hoe groter de kans dat hij of zij een slank postuur heeft. Mensen die geuren niet goed konden onderscheiden, hadden vaker overgewicht.

Een mogelijk verklaring is volgens Peng, dat mensen met een verminderde reukzin sneller kiezen voor vet, zoet of zout voedsel. Ze zwichten sneller voor bacon en stroop bij het ontbijt dan gezonde cruesli met weinig suiker.

‘’Doordat je minder ruikt, geven de smaaknuances en aroma’s minder voldoening. Daarom wordt er wellicht eerder geneigd naar voedsel waarin de basissmaken naar voren komen.’’

Volgens haar komt het effect het sterkst tot uiting bij mensen die voor hun reukverlies al obesitas hebben. Dit zou kunnen betekenen dat het overgewicht veranderingen veroorzaakt in de stofwisseling dat het reukvermogen beïnvloedt. Dit zou het moeilijker kunnen maken om voor gezonde voeding te kiezen.

Waarschuwingssignaal
Obesitas is volgens Peng slechts een van de vele oorzaken van reukverlies. Andere oorzaken zijn bijvoorbeeld hoofdtrauma’s, virale infecties of het gebruik van bepaalde neussprays of drugs.

Een andere reden kan het ontwikkelen van Parkinson of Alzheimer zijn. Wetenschapper Maurice Curtis van de Universiteit van Auckland vergelijkt de veranderingen in de bulbus olfactorius zelfs met een ‘kanarie in een kolenmijn’.  Hij stelt dat de reden waarom de bulbus olfactorius als eerst aangetast wordt zou kunnen zijn dat dit deel van de hersenen het meest wordt blootgesteld aan de buitenwereld. Een nog onbekende invloed komt de bulbus olfactorius wellicht binnen om van daaruit de andere delen van het brein te bereiken. Hierbij wordt gedacht aan bacteriën, virussen of giftige stoffen in de leefomgeving.

Omdat het reukverlies in de meeste gevallen heel geleidelijk gaat, merkt men het vaak pas laat op. Simpele reuktesten kunnen het in de toekomst mogelijk maken om Alzheimer en Parkinson in een vroeg stadium op te sporen. Hierdoor zouden patiënten hun behandeling kunnen starten  voor zij ernstige symptomen ontwikkelen.

‘’Dat is onze droom, maar we hebben ook betere behandelingen nodig’’, meent Curtis, ‘’Daar werken we nu naartoe’.’’

Dit artikel werd -in het Engels- gepubliceerd in the new Zealand Listener op 15 december 2018.

 

Oudere berichten