Interview met Sanne Boesveldt, universitair hoofddocent aan Wageningen Universiteit
Onze neus speelt een grote rol in ons dagelijks leven. We genieten ermee van eten, herkennen gevaar en koppelen geuren aan herinneringen, emoties en plekken. Maar reuk zegt mogelijk ook iets over onze gezondheid.
Sanne Boesveldt, universitair hoofddocent aan Wageningen Universiteit, doet al jaren onderzoek naar het menselijk reukvermogen. Onlangs kreeg zij een Vici-beurs van NWO voor nieuw onderzoek naar de invloed van reuk op gezondheid en eetgedrag. We vroegen haar daar meer over te vertellen.
Zou je jezelf willen voorstellen?
“Mijn naam is Sanne Boesveldt. Ik ben universitair hoofddocent aan Wageningen Universiteit, bij de afdeling Humane Voeding en Gezondheid, in de groep Sensoriek en Eetgedrag. Sinds 2004 doe ik onderzoek naar het menselijk reukvermogen en de invloed daarvan op gezondheid en eetgedrag.
Ik ben eigenlijk vrij toevallig in dit onderzoeksgebied terechtgekomen. Ik studeerde Medische Biologie, met als specialisatie Neurobiologie, en was dus vooral geïnteresseerd in de hersenen. Tijdens mijn promotieonderzoek naar de ziekte van Parkinson kwam ik in aanraking met reukverlies, omdat dit vaak voorkomt bij mensen met Parkinson.
In diezelfde periode werd de Nobelprijs voor Geneeskunde toegekend aan onderzoekers die de receptorfamilie voor geur hadden ontdekt. Toen dacht ik al snel: dit is een ontzettend interessant onderzoeksgebied. Hier wil ik mee verder.
Daarna ging ik voor een postdoc naar het Monell Chemical Senses Center in de Verenigde Staten, een onderzoeksinstituut dat helemaal gericht is op reuk en smaak. Voor mij was dat de hemel op aarde. Sinds 2010 werk ik in Wageningen, waar ik vooral kijk naar de link tussen geur, gezondheid en eetgedrag.”
Je hebt onlangs een Vici-beurs gekregen. Wat houdt die beurs in?
“De Vici-beurs is onderdeel van het NWO Talentprogramma. Dat programma is bedoeld voor onderzoekers die vernieuwend en baanbrekend onderzoek willen doen. Er zijn drie vormen: Veni, Vidi en Vici. Die sluiten aan bij verschillende fasen in de wetenschappelijke carrière.
Voor mij is deze beurs een mooie erkenning als wetenschapper. En natuurlijk ook een geweldige kans om onderzoek te doen naar vragen waar ik heel enthousiast over ben.”
Waar gaat je nieuwe onderzoek over?
“Onze neus speelt een grote rol in het dagelijks leven. We genieten van eten, ruiken gevaar en ons welzijn wordt beïnvloed door geuren. Veranderingen in het reukvermogen kunnen bovendien een vroege waarschuwing zijn voor ziektes, zoals dementie of obesitas.
In dit project onderzoek ik hoe we reuk kunnen gebruiken om gezondheid te bevorderen. Ik kijk onder andere of reuktraining kan helpen om het geheugen te verbeteren. Daarnaast onderzoek ik hoe nieuwe afslankmedicijnen invloed hebben op reuk, smaak en eetgedrag.”
Een deel van het onderzoek gaat over reuktraining en geheugen. Wat wil je daarin onderzoeken?
“Eerst wil ik kijken of we de huidige reuktraining kunnen verbeteren met behulp van VR. Daarbij combineer je geurprikkels met visuele prikkels. De vraag is of zo’n multisensorische training een sterker effect heeft op het reukvermogen dan de huidige manier van trainen. Dit wil ik testen bij mensen met reukverlies.
Daarnaast zijn er de afgelopen jaren aanwijzingen gevonden dat reuktraining ook een positief effect kan hebben op het geheugen. Mijn vermoeden is dat dit komt doordat reuktraining de bulbus olfactorius stimuleert. Dat is een belangrijk reukgebied in de hersenen, dat nauw verbonden is met gebieden die een rol spelen bij geheugen.
Ik wil onderzoeken of reuktraining, mogelijk in combinatie met VR, cognitieve achteruitgang bij mensen met milde geheugenklachten kan vertragen of misschien zelfs helpen voorkomen. Met nauwkeurige beeldvormingstechnieken wil ik daarnaast bekijken of de training ook veranderingen veroorzaakt in de hersengebieden die betrokken zijn bij reuk en geheugen.”
Een ander deel van het onderzoek gaat over GLP-1-medicatie. Wat wil je daarin bekijken?
“GLP-1-medicatie is op dit moment veel in het nieuws, omdat het mensen kan helpen om minder te eten en daardoor af te vallen. Maar we weten nog niet precies hóe mensen daardoor minder gaan eten. Gaan ze van alles minder eten? Veranderen hun voorkeuren? Gaan ze anders eten?
Deze medicatie werkt op GLP-1-receptoren. Die receptoren zitten ook in de bulbus olfactorius, het reukgebied in de hersenen. Mijn idee is daarom dat deze medicatie mogelijk ook het reukvermogen verandert. En de vraag is vervolgens of dat invloed heeft op voedselvoorkeuren en eetgedrag.
Ik wil een groep mensen volgen die met deze medicatie gaat starten. Daarbij kijken we wat er gebeurt met hun reukvermogen, smaakvermogen en eetgedrag.”
Waarom is dit onderzoek relevant voor mensen met een reukstoornis?
“Voor mensen met een reukstoornis is vooral het deel over reuktraining interessant. Als we reuktraining kunnen verbeteren, kan dat op termijn mogelijk bijdragen aan betere behandelmogelijkheden.”
Wat hoop je dat het onderzoek op termijn oplevert?
“Reuk is belangrijker voor onze gezondheid dan vaak wordt gedacht. Met dit onderzoek wil ik laten zien hoe reuk samenhangt met geheugen en eetgedrag. Uiteindelijk kan dat bijdragen aan betere behandelingen en voedingsadviezen bij bijvoorbeeld dementie en obesitas.
Daarnaast vind ik het belangrijk dat er meer aandacht komt voor het reukvermogen in de zorg. Het is nog steeds een onderbelicht thema, terwijl veel mensen klachten ervaren.”
Wanneer gaat het onderzoek van start?
“Ik zit nu in de opstartfase. Na de zomer hoop ik mensen aan te nemen die het onderzoek gaan uitvoeren. Daarna is er nog ethische toestemming nodig. Hopelijk kunnen we over ongeveer een jaar starten met het includeren van deelnemers. Het project duurt in totaal vijf jaar. Zodra er eerste resultaten zijn, laat ik het natuurlijk weten.”
Is er nog iets dat je onze leden wilt meegeven?
“De input die ik van leden krijg voor mijn eigen onderzoek en voor onderzoek van collega’s, waardeer ik enorm. Het is heel waardevol dat er zo goed contact is.”